Behandeling LLP bewijst dat lijst samenwerkingsverbanden indicatief is

Op 26 februari 2019 heeft de rechtbank Den Haag beslist dat een Limited Liability Partnership opgericht naar het recht van het Verenigd Koninkrijk voor de Nederlandse belastingheffing niet transparant is. De activiteiten van de LLP werden vanuit Nederland verricht (evenementenbureau) en waren verlieslijdend. Belanghebbende, de partner van de LLP, beoogde deze verliezen te verrekenen in box 1. In dit verband nam hij het standpunt in dat de LLP transparant was. Voor de toepassing van de Nederlandse fiscale wetgeving wordt dan door de LLP heen gekeken. De Belastingdienst heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de LLP in casu vergelijkbaar was met een kapitaalvennootschap en derhalve niet transparant was.


23 May. '19 3 min. Yoran Noij

Wanneer is sprake van een niet transparante vennootschap?

Van een niet transparante (kapitaal)vennootschap is in ieder geval sprake indien minstens drie van de vier vragen die in het besluit van 11 december 2009 (nr. CPP2009/519) voorkomen bevestigend beantwoord zijn;

  1. Kan het samenwerkingsverband de juridische eigendom hebben van de vermogensbestanddelen waarmee het de activiteiten uitoefent? (…)
  2. Zijn alle participanten beperkt aansprakelijk voor de schulden en de andere verplichtingen van het samenwerkingsverband? (…)
  3. Heeft het samenwerkingsverband een in aandelen verdeeld kapitaal in civielrechtelijke zin, dan wel kan het kapitaal in maatschappelijke zin gelijkgesteld worden met een in aandelen verdeeld kapitaal? (…)
  4. Kan er, buiten het geval van vererving of legaat, toetreding of vervanging van participanten plaatsvinden zonder dat toestemming nodig is van alle participanten? (…)

Daarnaast (als uitzondering) is sprake van een niet transparante vennootschap in gevallen waarin vaststaat dat (i) de aansprakelijkheid van alle participanten in een samenwerkingsverband beperkt is tot hun inleg dan wel de volstortingsverplichting, (ii) de onderneming eigendom is van het samenwerkingsverband en (iii) de onderneming ook overigens niet voor rekening en risico van de participanten wordt gedreven (Hoge Raad, 2 juni 2006, nr. 40.919).

Wellicht ten overvloede merken wij op dat op de site van de Belastingdienst een lijst van eerder beoordeelde buitenlandse samenwerkingsverbanden en buitenlandse rechtsvormen is gepubliceerd. Daarbij wordt aangegeven tot welke conclusie de antwoorden op bovenstaande vragen hebben geleid dan wel of het beoordeelde samenwerkingsverband (of de beoordeelde rechtsvorm) vergelijkbaar is met een Nederlandse commanditaire vennootschap (“CV-achtige”). Omdat in de praktijk is gebleken dat de kwalificatie in sommige landen sterk afhankelijk is van de inrichting van de statuten, is de lijst indicatief van aard.

Rechtbank Den Haag

Tussen de belanghebbende en de Belastingdienst was niet in geschil dat de vragen A en B met ja en vraag D met nee dienen te worden beantwoord. De discussie zag met name op de beantwoording van vraag C. Rechtbank Den Haag oordeelde overeenkomstig één van de standpunten van de Belastingdienst. De LLP heeft de kenmerken van een kapitaalvennootschap die volgen uit het arrest van de Hoge Raad van 2 juni 2016. Vaststaat dat de LLP rechtspersoonlijkheid heeft en dat de leden in de LLP slechts tot hun inleg aansprakelijk zijn voor de schulden van de LLP.

Daarnaast heeft de Belanghebbende beargumenteerd dat als gevolg van een persoonlijke borgstelling (ten behoeve van een door de onderneming van de LLP aangetrokken lening) het evenementenbureau feitelijk voor rekening en risico van de belanghebbende werd gedreven. Rechtbank Den Haag oordeelde dat niet gebleken is dat bedoelde persoonlijke borgstelling heeft geleid tot een uitbreiding van zijn persoonlijke aansprakelijkheid.

Wij vragen ons dat af. Op het oog is het voorstelbaar dat een borgstelling materieel wel tot een uitbreiding van aansprakelijkheden kan leiden. Een LLP is immers bedoeld om haar leden uit te sluiten van aansprakelijkheid. Juist een borgstelling kan ertoe leiden dat een partner in een LLP voor meer aansprakelijk is dan slechts zijn of haar inbreng. De uitspraak beidt echter te weinig aanknopingspunten om te achterhalen waar het oordeel van de Rechtbank op gebaseerd was.

Saillant detail is dat de naar het recht van het Verenigde Koninkrijk opgerichte LLP in 2016 is verwijderd van de indicatieve lijst. De reden hiervoor is dat dit type buitenlandse samenwerkingsverbanden waarin het karakter van een personenvennootschap samengaat met beperkte aansprakelijkheid van vennoten steeds opnieuw ter beoordeling werd voorgelegd. De feiten in de rechtszaak speelden zich echter af in jaren 2014 en 2015 vóórdat de naar het recht van het Verenigde Koninkrijk opgerichte LLP verwijderd is van de indicatieve lijst. Wellicht ten overvloede merken wij op dat wij in de dagelijkse praktijk geen naar het recht van het Verenigd Koninkrijk opgerichte LLP's hebben waargenomen die transparant zijn voor Nederlandse fiscale doeleinden.

Disclaimer

De informatie in dit blog is van algemene aard en heeft geen betrekking op de specifieke omstandigheden van een bepaald individu of een bepaalde entiteit. De informatie in dit blog is daarom bedoeld voor algemene informatieve doeleinden en kan niet als advies worden beschouwd. Hoewel we ernaar streven om nauwkeurige en tijdige informatie te verstrekken en er veel zorg is besteed aan het samenstellen van dit blog, kan er geen garantie worden gegeven dat dergelijke informatie correct is vanaf de datum waarop deze is ontvangen, of dat deze in de toekomst correct zal blijven. Niemand mag op basis van dergelijke informatie handelen zonder passend professioneel advies na een grondig onderzoek van de specifieke situatie. Wij aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de informatie in deze publicatie.


Yoran Noij

Yoran is a tax adviser and Master student Tax Law at Tilburg University

Meer over Yoran Noij

Terug